medium image
Foto: Joachim Rotteveel

Sgraffito - Byzantium

Vanaf de 12de eeuw werden varianten van de sgraffito techniek ook toegepast in de Byzantijnse wereld. De Byzantijnse pottenbakkers deden hun uiterste best om tafelgoed, zoals kommetjes en schotels, er mooi gedecoreerd uit te laten zien. Dit werd bereikt door de binnenkant van aardewerk met een witte sliblaag en een transparante (enigszins lichtgekleurde) loodglazuur te bedekken, waarbij de oppervlakte met ingekraste en geschilderde motieven werd versierd. De twee hoofdtypen van dit Byzantijns sgraffito aardewerk bestaan uit het zogenaamde ‘fijne sgraffito aardewerk’ (dat gedecoreerd was met fijne ingekraste lijnen met behulp van een scherp werktuig) en het zogenaamde ‘champlevé aardewerk’ (waarbij grotere stukken van de witte sliblaag waren weggesneden).

Beide decoratietechnieken waren van Islamitische oorsprong, veelal geïnspireerd door kostbare metalen voorwerpen. De Byzantijnse pottenbakkers namen ook decoratieve elementen over uit de Islamitische wereld. Sommige motieven, waaronder vogels en het zogenaamde ‘Kufische schrift’, leken op sgraffito aardewerk uit Iran en Syrië. Dit is niet zo vreemd, want de handel in aardewerk was in die tijd immers internationaal. Er bestonden nauwe contacten tussen Byzantium en de Islamitische wereld, en er woonden zelfs moslimgemeenschappen in het Byzantijnse rijk. Zo hebben ook opgravingen in Griekenland (Korinthe), op de Krim (Chersonesos) en in Cyprus (Nicosia) talloze aardewerkvondsten uit de Islamitische wereld voortgebracht.

Dit tafelgoed met lichtgekleurde (bijna kleurloze) loodglazuur raakte uit de mode aan het einde van de 12de eeuw, en werd vervangen door twee verschillende soorten gekleurd sgraffito aardewerk. Aanvankelijk voegden de Byzantijnse pottenbakkers slechts een enkele kleur toe aan het loodglazuur. Dit eerste type wordt dan ook ‘monochroom sgraffito aardewerk’ genoemd. Het is vaak met menselijke figuren, dieren, vogels of met loofwerk versierd, en is dan vervolgens met een gele of groene loodglazuur bedekt. Geliefd motief in dit type Byzantijnse sgraffito aardewerk waren vogels, vaak in het vrije veld afgebeeld naast een puntige plant. Een goed voorbeeld hiervan te zien op de tentoonstelling (nr. OC I 14-1950, collectie Haags Gemeentemuseum). Dit kommetje werd in Noord Griekenland gemaakt, in de stad Thessaloniki, en kan omstreeks eind 13de tot 14de eeuw gedateerd worden.

Het tweede type gekleurd sgraffito aardewerk staat bekend als ‘bruin en groen sgraffito aardewerk’ omdat het twee of meer kleuren in het loodglazuur heeft. Het werd gemaakt vanaf de 13de eeuw. Bovengenoemde typen gekleurd sgraffito aardewerk zijn wijdverspreid, en werden toen nu toe gevonden bij opgravingen in Istanbul, Griekenland, de Krim en in Cyprus. Naast een verbetering in de kwaliteit van het loodglazuur (dat dikker en glanzender werd) en de toevoeging van kleuren, verving ook een dunwandige vorm het eerdere grovere tafelgoed (met dikkere wanden). Niet alleen kwamen vanaf nu andere motieven in de mode, ook werd de sgraffito techniek in een inventievere en meer gecontroleerde wijze uitgevoerd.

Het zogenoemde ‘bruin en groen sgraffito aardewerk’ wordt op de tentoonstelling vertegenwoordigd door een kommetje op hoge voet (ofwel kelk) uit Cyprus (A 3566). Deze kelk was in de late middeleeuwen gemaakt, en kan in de 14de en 15de eeuw gedateerd worden. De decoratie is in de zogeheten ‘decadente’ stijl in fijne inkraslijnen uitgevoerd, en toont ondermeer een kleine ingekraste cirkel aan de binnenkant. Dit type sgraffito aardewerk is op Cyprus meestal gemaakt in het belangrijke pottenbakkerscentrum van Lapithos aan de noordkust van het eiland. Lapithos produceerde immers geglazuurd en gedecoreerd aardewerk met een kleisoort van superieure kwaliteit. Volgens geschreven bronnen bestonden er maar liefst 40 pottenbakkersateliers in Lapithos in 1889, maar slechts vier ateliers tien jaar later (in 1899).

De Byzantijnse pottenbakkers in Cyprus, Istanbul en Griekenland speelden een belangrijke rol in de overlevering van de sgraffito techniek naar het Westen, vooral vanwege hun geografische positie tussen de Islamitische wereld en West Europa. De handel in Byzantijns sgraffito aardewerk naar het Westen was aanvankelijk in handen van Byzantijnse kooplieden. Echter, gedurende de kruistochten (in de 12de en 13de eeuw) begonnen Italiaanse handelssteden (waaronder Venetië en Genua) deze handel geleidelijk over te nemen, wat de introductie van de sgraffito techniek in Italië bevorderde.
JV